top of page
Zoeken

Hechting - Het geheime script uit je jeugd! (Deel 3)

  • Tomdk
  • 2 jan
  • 8 minuten om te lezen

Bijgewerkt op: 8 jan

Introductie

Weet je wat gek is?

Je gedrag in je relaties nu, de manier waarop je omgaat met nabijheid, vertrouwen, alleen zijn, dat heb je niet zelf gekozen.

Je hebt het geleerd. Van je ouders. Van je verzorgers. Van je vroegste ervaringen.

En dat patroon blijft je hele leven met je mee, tenzij je het bewust aanpakt.

Dit heet hechting. En het is waarschijnlijk de reden waarom je jezelf saboteert in relaties.


Wat is hechting eigenlijk?

In eenvoudige termen:

Hechting = hoe jij als klein kind leerde omgaan met nabijheid, troost, vertrouwen en alleen-zijn.

Je leert dit vooral in je allereerste jaren door je ouders/verzorgers. Dat patroon wordt als het ware je "template" voor alle latere relaties.


Het gaat om vragen als:

  • "Als ik huil, kom iemand mij troosten?"

  • "Kan ik op iemand rekenen?"

  • "Is het veilig om je gevoelens te tonen?"

  • "Krijg ik aandacht wanneer ik die nodig heb?"

  • "Mag ik mijn eigen grenzen hebben?"


Je brein onthoudt:

  • Of mensen betrouwbaar zijn,

  • Of je jezelf kan toevertrouwen,

  • Hoe je omgaat met afscheid (bijvoorbeeld als ouders weggaan),

  • Hoe je met spanning of verdriet omgaat.

Dat patroon blijft je hele leven met je mee, tenzij je het bewust aanpakt.


De vier hechtingsstijlen

Onderzoeken hebben 4 veel voorkomende patronen gevonden. Je herkent jezelf waarschijnlijk in ƩƩn of meerdere:


1. Veilige hechting (het "ideale" startpunt)

Hoe je ermee opgroeit:

  • Ouders/verzorgers waren:

    • meestal beschikbaar en betrouwbaar,

    • reageerden op je behoeften (niet perfect, maar "goed genoeg"),

    • stimuleerden ook zelfstandigheid,

    • waren rustig bij scheiding en welkom bij terugkeer.

Hoe je je voelt in relaties:

  • Je vertrouwt mensen vrij snel (maar niet naĆÆef).

  • Je durft je gevoelens te tonen zonder je te schamen.

  • Je kan alleen zijn zonder je verlaten te voelen.

  • Je hebt ruzies, maar ziet die niet als catastrofe.

  • Je herstelt goed na conflicten.

Als je dit hebt: je bent eigenlijk al goed voorbereidt om gezonde relaties aan te gaan.


2. Angstig-preoccupied (ook wel "angstig gehecht")

Hoe je ermee opgroeit:

  • Ouders/verzorgers waren:

    • Onvoorspelbaar (soms heel warm, soms koud of afwijzend),

    • Emotioneel beschikbaar, maar onregelmatig,

    • Je moest je gedrag aanpassen om hun aandacht/goedkeuring te krijgen,

    • Veel "scheiding-angst" in het gezin.

Hoe je je voelt in relaties:

  • Je hebt veel behoefte aan bevestiging:

    • Je appt veel,

    • Je wilt veel contact,

    • Je voelt jezelf wazig zonder de ander.

  • Je bent snel bezorgd:

    • "Houd hij/zij nog van mij?"

    • "Waarom reageert die niet meteen terug?"

  • Je voelt je heel afhankelijk:

    • Zonder de ander voel je je leeg, eenzaam, niet goed genoeg.

  • Je accepteert veel omdat je bang bent dat ze weggaan:

    • Je durft niet "nee" te zeggen,

    • Je laat veel aan jezelf voorbij,

    • Je maakt jezelf klein.

  • Je dramatiseert snel:

    • een klein conflict voelt als het einde van de relatie.

Wat je dan doet:

  • Je kleedt jezelf aan naar de ander toe,

  • je wordt "pleaser",

  • je voelt je snel verworpen en pakt dat persoonlijk op.


3. Vermijdend gehecht (ook wel "avoidant" of "dismissive")

Hoe je ermee opgroeit:

  • Ouders/verzorgers waren:

    • Emotioneel afwezig of koud,

    • Reageerden afwijzend op je gevoelens ("Niet huilen", "Zelf oplossen"),

    • Moedigden "onafhankelijkheid" aan,

    • Fysieke affectie was schaars,

    • Je voelde: "Mijn gevoelens zijn een last."

Hoe je je voelt in relaties:

  • Je hebt moeite met nabijheid:

    • Te veel contact voelt verstikkend,

    • Je trekt je terug en hebt "ruimte" nodig,

    • Intimiteit voelt oncomfortabel.

  • Je bent sterk in onafhankelijkheid:

    • Je lost alles zelf op,

    • Je hebt mensen liever "niet nodig",

    • Je voelt je het best alleen.

  • Je bagatelliseert gevoelens:

    • "Het stelt niet veel voor",

    • "Ik ben niet zo'n emotie-type",

    • Je minimaliseert problemen (ook in relaties).

  • Je wordt kribbig of afstandelijk als het dichtbij wordt:

    • Dus je zoekt ruzies of redenen om weg te gaan,

    • Je hebt plotseling kritiek op de ander,

    • Je verliest je interesse.

  • Je herkent jezelf in wat je bij deel 2 hebt gezien:

    • Duwt mensen weg als het te dichtbij komt,

    • Begint ruzies om kleine dingen.

Wat je dan doet:

  • Je creĆ«ert afstand,

  • Je voelt jezelf "groot en sterk" door anderen niet nodig te hebben,

  • Je voelt je beter als je alleen bent,

  • Maar diep vanbinnen: eenzaam.


4. Angstig-vermijdend (ook wel "fearful-avoidant")

Hoe je ermee opgroeit:

  • Een mix van beide hierboven:

    • Soms warm, soms afwijzend,

    • Inconsistent en mogelijk zelfs ruw,

    • Je weet nooit waar je aan toe bent,

    • Je voelde je niet veilig.

Hoe je je voelt in relaties:

  • Je bent in een soort inner conflict:

    • Je wilt dicht bij iemand zijn,

    • Maar tegelijk ben je daar bang voor,

    • Dus je gaat heen en weer.

  • Je kan heel intens verliefd worden:

    • alles voelt extreem,

    • maar dan ineens voelt alles bedreigend.

  • Je hebt veel drama:

    • intense ruzies,

    • intense verzoeningsrituelen,

    • op-en-af gedrag.

  • Je bent veel harder voor jezelf:

    • je voelt jezelf als "kapot" of "lastig",

    • je accepteert ook slechter gedrag van anderen,

    • je hebt minder zelfvertrouwen.

Wat je dan doet:

  • Je creĆ«ert een emotionele berg-en-dal,

  • je test de ander constant ("Hou je nog van mij als ik zo ben?"),

  • je voelt je vaak schuldig en gefrustreerd over jezelf.


Hoe hechting zich "uit" in relaties (praktische voorbeelden)


Vermijdend gehecht

Situatie

Gedachte

Gedrag

Partner zegt: "Ik hou van je"

"Dat is eng, te dicht op me af"

Je wordt afstandelijk, je maakt grapjes, je trekt je terug

Na een fijne nacht samen

"Dit voelt te intens, ik verlies mezelf"

Volgende dag ben je kribbig, je zoekt ruzies

Partner wil praten over gevoelens

"Dit word te zwaar, ik kan dit niet aan"

Je verandert van onderwerp, je wordt sarcastisch, je verdwijnt

Partner vraagt: "Waar ben jij mee bezig?"

"Ze wil me controleren"

Je snapt, je wordt defensief, je voelt je in het nauw gedreven


Angstig gehecht (ter vergelijking):

Situatie

Gedachte

Gedrag

Partner zegt: "Ik heb wat tijd me voor mezelf nodig"

"Ze wil mij dumpen, ik ben niet goed genoeg"

Je gaat in paniek, je appt veel, je voelt je verlaten

Partner reageert niet meteen op je bericht

"Ik ben niet belangrijk, ze vergeet me"

Je appt opnieuw, je voelt je raar en onrustig

Partner wil wat tijd alleen

"Ik ben niet interessant genoeg"

Je wordt bezorgd, je belt, je vraagt voortdurend "Alles goed?"

Na een ruzie

"Ze gaat me verlaten, dit is het einde"

Je probeert meteen goed te maken, je excuses jezelf, je voelt je schuldig


Wat je hechtingsstijl bepaalt

Je hechtingsstijl beĆÆnvloedt:

  • Hoe je communiceert:

    Vermijdend → je trekt je in, je praat niet over gevoelens.

    Angstig → je praat veel, je wilt constante bevestiging.

  • Hoe je met conflicten omgaat:

    Vermijdend → je loopt weg, je bagatelliseert.

    Angstig → je dramatiseert, je voelt je meteen afgewezen.

  • Hoe je jezelf voelt in relaties:

    Vermijdend → onafhankelijk, maar eenzaam.

    Angstig → verbonden, maar nerveus en afhankelijk.

  • Wat je partner doet:

    Dit is interessant: vermijdend en angstig trekken elkaar aan (ze vullen elkaars patronen aan). Maar dat veroorzaakt juist heel veel conflict.


Hoe je je hechtingsstijl kunt veranderen

Het cruciale inzicht: je hangt NIET vast aan je hechtingsstijl.

Dit is een patroon, niet je DNA. En patronen kunnen veranderen.


Stap 1: Herkennen

  • Welke stijl herken je het meest bij jezelf?

  • Waar voelen de beschrijvingen "waar"?

  • Wat zag je bij je ouders/verzorgers?

Schrijf het op. Herkenning is de eerste stap.


Stap 2: Begrijpen waar het vandaan komt

Dit is niet om je ouders te beschuldigen.

Maar om te begrijpen:

"Mijn ouders deden wat ze konden met wat zij wisten. Hun hechtingsstijl bepaalde ook hun gedrag. Maar nu ik het begrijp, kan ik het veranderen."

Bijvoorbeeld:

  • Je ouders waren vermijdend gehecht → zij hadden moeite met emoties → zij gaven jou niet veel emotionele steun → jij leerde ook emoties uit de weg te gaan.

Dat was destijds jouw beste bescherming. Nu werkt het tegen je.


Stap 3: Bewustzijn in het moment

Probeer in relaties te zien wanneer je patroon actief wordt.

Voor vermijdend gehecht:

  • "Voelt dit dichtbij?" → alarm gaat af → ik trek me terug/zoek ruzies.

Probeer dit op te merken in real-time:

  • "Wacht, ik merk dat ik me terugtrek. Dit is mijn patroon."

  • "Ik voel me eng, dus ik wil weglopen. Maar als ik even blijf en dit durft, wat gebeurt er?"

Voor angstig gehecht:

  • "Voelt dit als afwijzing?" → paniek → ik klamp me vast/ik ben veel te beschikbaar.

Probeer dit op te merken:

  • "Wacht, ik ben in paniek aan het gaan. Dit is oude angst, niet de werkelijkheid."

  • "De ander heeft ruimte nodig, dat betekent niet dat ze me niet willen."


Stap 4: Slow down in het moment

Wanneer je je alarm voelt afgaan:

  • Stop even.

  • Adem in en uit.

  • Vraag jezelf: "Is dit nu Ć©cht een reden om weg te lopen / vast te klampen, of is dit oud patroon?"


Stap 5: Miniem ander gedrag

Je hechtingsstijl verandert niet door denken, maar door doen.

Je brein leert nieuwe patronen door:

  • Herhaling,

  • Kleine successen,

  • Nieuwe ervaringen.


Voor vermijdend gehecht:

In plaats van weggaan, probeer:

  • "Ik voel me eng en wil weggaan, maar ik blijf hier even."

  • Zeg tegen je partner: "Dit voelt dicht, ik snap mijn reactie niet helemaal. Kunnen we even pauze nemen?"

  • In plaats van kritiek te zoeken, probeer: "Wat is het beste aan deze persoon waar ik nu probeer weg van te gaan?"


Voor angstig gehecht:

In plaats van vastklampend gedrag, probeer:

  • "Ik voel me verlaten, maar de ander zei dat ze ruimte nodig heeft. Dat is niet hetzelfde als afwijzing."

  • Zet je telefoon even weg, ga iets voor jezelf doen.

  • Zeg tegen jezelf: "Ik ben OK zonder constant contact."


Stap 6: Relaties kiezen met meer veilige hechtingsstijl

Dit is ook belangrijk:

  • Vermijdend + angstig relaties hebben een hoog conflict-potentieel.

  • Veiliger gehechte partners zijn meer verdraagzaam voor jouw patronen.


Stap 7: Professionele ondersteuning

Voor veel mensen is dit niveau van verandering beter met hulp:

  • Therapie (vooral gericht op hechtingspatronen en schema's).

  • Relatietherapie (samen met je partner, zodra je in een relatie zit).

Een professional kan:

  • je hechtingsstijl dieper uitleggen,

  • je naar de roots in je jeugd helpen kijken,

  • nieuwe manieren oefenen in een veilige omgeving.


Samenvatting: hechting

  • Hechting = hoe jij als klein kind leerde omgaan met nabijheid, vertrouwen en alleen-zijn.

  • Dit bepaalt nog steeds hoe je in relaties functioneert.

  • De vier stijlen: veilig, angstig-preoccupied, vermijdend, angstig-vermijdend.

  • Je hangt niet vast aan je stijl – je kunt het veranderen door:

    1. Te herkennen welke stijl jij hebt.

    2. Te begrijpen waar het vandaan komt.

    3. Je patroon op te merken in het moment.

    4. Klein ander gedrag te oefenen.

    5. Bewust partners te kiezen.

    6. Professionele hulp in te schakelen.


Hoe dit verder werkt in je leven (en waarom dit niet stopt bij je liefdesleven)

Je hechtingsstijl is niet alleen zichtbaar in je romantische relaties. Ze kleurt ook hoe je omgaat met collega’s, leidinggevenden, vriendschappen en elke situatie waarin nabijheid, vertrouwen en afhankelijkheid een rol spelen.

Als je bijvoorbeeld angstig gehecht bent, kun je op je werk:

  • Snel bevestiging zoeken van je leidinggevende,

  • Jezelf extra hard bewijzen om maar niet "afgewezen" te worden,

  • In paniek schieten bij kritiek of afstand.

Als je eerder vermijdend gehecht bent, kun je:

  • Je onttrekken aan samenwerking,

  • Afstand houden tot je team,

  • Kansen op groei afhouden omdat ze te dichtbij komen (zichtbaarheid, verantwoordelijkheid, verwachtingen).


Met andere woorden:

De manier waarop je jezelf beschermt in relaties, is vaak dezelfde manier waarop je jezelf tegenhoudt in je professionele leven.

In Deel 4 gaan we kijken hoe dit er concreet uitziet op je werk:

  • Hoe zelfsabotage je carriĆØre, projecten en ambities ondermijnt.

  • Waarom je jezelf kleiner maakt dan je bent, kansen afslaat of alles op het laatste moment doet.

  • En vooral: hoe je stap voor stap kunt stoppen met jezelf tegenwerken in je professionele leven.


Je hebt nu gezien waar je patronen vandaan komen (hechting).In het volgende deel ontdek je hoe je ze herkent Ʃn doorbreekt op de plek waar je misschien het meest presteert: je werk.



Ā 
Ā 
Ā 

Opmerkingen


bottom of page